Bewegwijzering fietsroutes wordt ‘volwassen’

Langs praktisch alle wegen wordt minder bewegwijzering het devies, maar dit geldt niet voor hoogwaardige fietsroutes: juist snellere fietsers hebben behoefte aan aangepaste bewegwijzering. NBd-relatiemanager Piet Stolk vertelt met trots over het advies dat na een intensief onderzoektraject richting het Platform Bewegwijzering van het CROW is gegaan.

Al zo’n vier jaar buigen knappe koppen zich over de vraag wat de beste, veiligste en efficiëntste manier is om bewegwijzering langs hoogwaardige fietsroutes in te richten. Piet Stolk, relatiemanager bij de NBd: ‘Langs praktisch alle andere wegen, zowel fietspaden als autowegen, zal mínder borden het devies worden. Langs hoogwaardige fietsroutes is juist méér bewegwijzering nodig, met name voor de snellere fietser.’

Er liggen op dit moment in Nederland circa 20 hoogwaardige regionale fietsroutes. Daarnaast zijn er zo’n 40 in voorbereiding en staan er nog eens 60 op de planning. De eerste pilot voor bewegwijzering langs deze routes dateert van 2018. Daarna volgden er nog een hele trits waarvan alle uitkomsten gezamenlijk de blauwdruk opleverden die leidde tot het advies richting Platform Bewegwijzering van het CROW (Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek), dat de richtlijn voor bewegwijzering hierop al grotendeels heeft aangepast. Een groot deel van het advies voor de uitvoeringsvorm, formaat, kleur en indeling is al overgenomen. De herziene richtlijn is naar verwachting in februari 2021 gereed.

Uit de auto, op de fiets
Piet is in samenwerking met collega NBd-beleidsadviseurs betrokken geweest bij het hele voortraject en is trots op het eindresultaat. ‘Fietsbewegwijzering was lang een ondergeschoven kindje, maar overheden maken er sinds een aantal jaar flink werk van om mensen op de fiets te krijgen. Omdat het gezond is, maar ook omdat het een aanzienlijke milieuwinst oplevert. De stimuleringsprogramma’s moesten van de fiets een volwaardig alternatief voor de auto maken, en dat heeft er mede toe geleid dat het fietsbewegwijzeringssysteem steeds meer gelijkgetrokken wordt met dat van auto’s. De bewegwijzering voor fietsers wordt echt volwassen. Een mooie ontwikkeling.’

De verschillende onderzoeken, verspreid over het land, gingen allemaal over de kernvraag: wat voor soort bewegwijzering helpt vooral snelle, elektrische fietsers om zich veilig te verplaatsen.

Betere beleving
De verschillende onderzoeken, verspreid over het land, gingen allemaal over de kernvraag: wat voor soort bewegwijzering helpt vooral snelle, elektrische fietsers om zich veilig te verplaatsen. Alle deelonderzoeken leverden nieuwe puzzelstukjes op die samen de basis vormden voor het advies richting het CROW. Dit advies werd gemaakt door de werkgroep Wayfinding van het samenwerkingsverband Tour de Force, een samenwerking tussen overheden, marktpartijen, maatschappelijke organisaties, kennisinstituten en platforms die zich inzetten voor een sterker fietsbeleid in Nederland.

Piet: ‘Het gebruik van met name voorwegwijzers, kleur, vorm, contrast en aanvullende herkenbare logo’s en/of nummers op de bewegwijzering speelt een belangrijke rol in tijdige leesbaarheid, beoordeling, zichtbaarheid en herkenbaarheid van wegwijzers. Belangrijke factoren als het gaat om verkeersveiligheid. Een normaal formaat voorwegwijzer, met een gekleurde spoel of balk en een langer tekstvak, links uitgelijnd, werd door respondenten in de pilot het best beoordeeld.’

‘Elk detail op de bewegwijzering is belangrijk. Alle onderdelen – kleur, vorm, lettertype en systematiek – zorgen samen voor een optimaal resultaat.’

Piet Stolk

Tot in detail
Piet: ‘Omdat vooral elektrische fietsers hoge snelheden hebben, moeten ze afremmen om een bord te lezen. Dat fietst niet fijn en ook niet veilig. Na het testen van twee wayfindingsconcepten op de hoogwaardige regionale fietsroute F261 (Tilburg – Loon op Zand – Waalwijk) bleek dat we dit euvel konden oplossen door het plaatsen van voorwegwijzers en bevestigingsborden.’

In een volgend onderzoek zijn onder andere kleurvariaties op de wegwijzers getest. Piet: ‘Elk detail is belangrijk. Alle onderdelen – kleur, vorm, lettertype en systematiek – zorgen samen voor een optimaal resultaat. De uiteindelijke keuze vereist dus zorgvuldigheid en samenwerking met alle partijen binnen Tour de Force. We hebben nu een areaal van 21 kleuren voorhanden. Die kleuren hebben we voorgelegd aan TNO omdat de helderheid en het contrast goed bij elkaar moeten passen; een witte letter op een gele achtergrond is bijvoorbeeld slecht leesbaar. Dit moet leiden tot 10 à 12 combinaties van kleuren die matchen, waarbij we ook rekening houden met mensen die kleurenblind zijn.’

Wegbeheerders hebben straks met de nieuwe richtlijn een ruime marge waarbinnen ze kunnen bewegen. Piet: ‘Bepaalde maatvoering is bijvoorbeeld flexibel, zodat er in een stedelijke omgeving kleinere borden en misschien ook minder borden nodig zijn dan in een landelijk gebied waar de snelheid van de fietsers rap toeneemt. Op dit moment wordt de F344 Apeldoorn – Deventer al ingericht conform het overgenomen advies.’

Nummering open eindje
Er zijn nog een paar open eindjes die de komende maanden op de agenda staan. Zo is het nog onduidelijk wat de methodiek van de nummering wordt. Op dit moment is er maar deels analogie te vinden in de nummering van hoogwaardige regionale fietsroutes langs A-wegen, daar waar die er wel is bij routes langs N-wegen.

‘Er zijn stemmen die zeggen dat je de analogie van de snelwegen moet aanhouden, dus een route langs de A1 krijgt dan F1 als nummer. Op die manier is het voor gebruikers in één keer duidelijk waar ze zich geografisch min of meer bevinden. Maar er zijn ook mensen die zeggen: er is lang niet altijd een snelweg met een A-nummer in de buurt, of er lopen er twee vlak langs de route, en dan kun je beter fictieve nummers gebruiken. Dan moeten er andere keuzes worden gemaakt en verlies je mogelijk weer de continuïteit van de nummering. In hoeverre dat dan ook als zodanig door de gebruiker wordt beleefd, waar het uiteindelijk om draait, is de vraag. Dit vraagstuk is door de NBd onder andere aan de adviseurs van Human Factors van Rijkswaterstaat voorgelegd. Voor beide argumenten is wat te zeggen en de uitkomsten hiervan worden verwerkt in het advies dat de werkgroep Wayfinding op korte termijn aan het Platform Bewegwijzering zal voorleggen.’

‘Het is in ieder geval geweldig en inspirerend om als vertegenwoordiger van de NBd deel uit te maken van een landelijke samenwerking waar experts vanuit allerlei geledingen werken aan een gezamenlijk doel, namelijk; het fietsgebruik stimuleren en de gebruiker veilig en vlot van A naar B begeleiden.’