‘Van eiland afkomen, levert meer op’

Bewegwijzering is nog steeds een ‘mannenwereld’ maar wel een met steeds meer vrouwen, ook aan de top. NBd-directeur Sabine Kern in gesprek met Franka van de Gevel, directeur van bordenleverancier AGMI. ‘De overheid kan veel meer gebruikmaken van de kennis en expertise in het bedrijfsleven.’

De NBd viert dit jaar niet alleen 125 jaar bewegwijzering maar ook het eerste eigen lustrum. Een mooie gelegenheid om vooruit te kijken naar de toekomst. Scheidend NBd-directeur Sabine Kern wilde dat graag doen met een sister in arms, Franka van de Gevel. Sabine: AGMI is een marktpartij waar we een jarenlange relatie mee hebben. Zij vieren dit jaar ook een jubileum, het is 65 jaar geleden dat de eerste bewegwijzering bij hen van de lopende band rolde. Dat leek me een mooie gelegenheid om met elkaar van gedachten te wisselen over de relatie tussen overheidsinstanties en marktpartijen, geleerde lessen met elkaar te delen en onze blik gezamenlijk op de toekomst te richten.’

Dat Franka ook vrouw is, speelde zeker mee bij de wens haar als gesprekspartner te hebben, erkent Sabine. ‘Zoetjesaan werken er steeds meer vrouwen in de wereld van bewegwijzering en aanverwante branches, maar het is echt nog wel een mannenwereld. De diversiteitsprogramma’s binnen de overheid beginnen hun vruchten af te werpen. Ik ben benieuwd wat Franka’s ervaring is op dit punt.’

Franka van de Gevel is net een jaar directeur bij AGMI, dat hoofdkantoor houdt in het Limburgse Tegelen, maar werkt al 11 jaar bij het bedrijf waarvan ze 4 jaar uitmaakt van het managementteam. Franka: ‘Bij mijn aanstelling als directeur was het geen issue. Ik ben het gewend, ook van huis uit, om met mannen om te gaan en samen te werken, dus voor mij voelt dat als een natuurlijke habitat.’

Kennis borgen
De NBd heeft met 14 marktpartijen een contract – vijf daarvan zijn met bedrijven die borden maken, de anderen zijn met aannemers die bijvoorbeeld bewegwijzering plaatsen en onderhouden. Sabine: ‘Alle marktpartijen moeten met elkaar kunnen samenwerken, afhankelijk van het project en wat daarvoor nodig is. We zetten elke opdracht boven een bepaald bedrag altijd uit naar meerdere partijen en werken de contractanten af volgens een via loting vastgestelde volgorde; is de een geweest, dan is bij een volgend project de ander aan de beurt, enzovoort.’

Franka ervaart dat als een prettige manier van werken. Bewegwijzering is voor AGMI slechts één tak van sport, wel een waar de afgelopen tien jaar een grote groei in is geweest. AGMI produceert elk jaar zo’n veertig- tot vijftigduizend kleine verkeersborden, zoals de borden met maximumsnelheden. Van de grote bewegwijzeringsborden rolt er jaarlijks tussen de twintig- en dertigduizend vierkante meter de band af. ‘Dat is organisch zo gegroeid, we werden steeds meer specialist. Zoals onze medewerker Ahmed Kacimi in een eerder gepubliceerd artikel vertelde, hebben we kunnen uitbouwen door onze productie naar een ander, veel hoger gebouw te verplaatsen. Daarin staat een kraan met een cassettesysteem waarin we de borden ophangen. De vrachtwagen rijdt achteruit de hal in, hevelt de borden over, bindt ze vast en rijdt binnen een half uur weg naar de opdrachtgever.’

Het belang van bewegwijzering wordt volgens Franka ‘structureel onderschat’ en daar kan Sabine het niet anders dan grondig mee eens zijn. Franka: ‘Dat er niet zomaar een bord naast de kant van de weg verschijnt maar dat er een wereld achter zit van plannen, berekeningen en bestuurlijke keuzes, dat beseffen maar heel weinig mensen.’

De twee directeuren ontdekken snel dat ze over meer dingen hetzelfde denken. Over de toekomst van bewegwijzering bijvoorbeeld (waarover later meer), maar ook dat de organisatie en de bedrijfscultuur van de NBd en AGMI opvallende overeenkomsten hebben. ‘Mensen blijven hier heel lang in dienst, een bovengemiddeld percentage zit hier tot aan zijn pensioen’, zegt Franka.

Sabine herkent dat beeld: ‘Ook bij ons zitten veel mensen die vanuit de ANWB meeverhuisd zijn, die heel loyaal zijn, echte vakmensen. Daarin zit trouwens ook een risico: over 5 jaar gaat 10% met pensioen. Zij hebben hele specifieke vakkennis opgebouwd over bijvoorbeeld het maken van bewegwijzeringsplannen die je niet zo maar overdraagt. Als we nu niet al stappen zetten met het werven en opleiden van nieuwe mensen, ontstaat straks echt een gat.’

De NBd is constant bezig met kijken wat slimmer, efficiënter en logischer kan in het traject van plan tot uitvoering. Zo komen steeds meer taken op het bordje van de opdrachtnemer te liggen.

Verschuivende rollen
De NBd is constant bezig met kijken wat slimmer, efficiënter en logischer kan in het traject van plan tot uitvoering. Zo komen steeds meer taken op het bordje van de opdrachtnemer te liggen.
Sabine: ‘Wij werken zelf altijd tot op de millimeter nauwkeurig de bewegwijzeringsplannen uit voordat ze naar de uitvoerende partij gaan. Die lopen daarna vaak alles nog een keer na om het in hun eigen systemen te zetten. Dubbel werk, zonde van ieders tijd en onnodig duurder. Als we plannen abstracter gaan aanleveren, en marktpartijen het daarna zelf concreet uitwerken, zou dat tijd en geld kunnen schelen. We zijn op dit moment aan het onderzoeken of en zo ja onder welke voorwaarden dat kan, met behoud van ieders rol.’

Franka: ‘Het werkt beide kanten op. Voor ons is het prettig als we meer ruimte krijgen om ons binnen de wettelijke marges te bewegen en de NBd krijgt meer ruimte om die sturende regietaak op zich te nemen.’
Sabine: ‘Het gaat ook om vertrouwen, dat je dat los kunt laten en weet dat de ander er op dezelfde manier in staat. Als we naar de toekomst kijken dan hebben marktpartijen als AGMI vaak heel innovatieve ideeën die we nu te weinig benutten. Voor de overheid is duurzaamheid prioriteit maar als wij dingen verzinnen die de markt niet kan uitvoeren, is het zinloos. En andersom kunnen wij ook op weg geholpen worden als we al input krijgen over de mogelijkheden vóórdat er nieuw beleid gemaakt wordt.’

Dat er dingen gaan veranderen in de wereld van bewegwijzering zijn beiden directeuren het wel over eens. Hoe precies, en vooral met welke snelheid, daar durven ze geen harde uitspraken over te doen. Franka: ‘We zien wel dat gemeenten minder borden plaatsen en daar anticiperen we als bedrijf uiteraard op, dat die trend doorzet. Ik ben zelf ook een voorstander van minder borden waar mogelijk, een rustiger straatbeeld is toch mooier.’

‘Als we plannen abstracter gaan aanleveren en marktpartijen het daarna zelf concreet uitwerken, zou dat tijd en geld kunnen schelen. We zijn op dit moment aan het onderzoeken of en zo ja onder welke voorwaarden dat kan, met behoud van ieders rol.’

Sabine Kern, directeur NBd

Actievere rol markt
Sabine: ‘Wij zijn uiteraard ook druk bezig met het toekomstbestendig maken van de NBd door verschillende scenario’s uit te werken. Waar mogelijk en nodig betrekken we daarin ook andere partijen, zoals AGMI. Het idee van die minder uitgewerkte plannen komt uit de koker van een onze medewerkers die een dag op de werkvloer heeft meegelopen bij een van onze contractanten. En met de gemeente Rotterdam zijn we bezig met een pilot rondom zonnepanelen, daarvoor zoeken we ook in de keten naar spelers die dingen voor elkaar kunnen krijgen.’

Franka: ‘Toch zouden wij daarin als marktpartijen veel eerder in het proces een actievere rol kunnen spelen. Wij zitten nooit echt bij de klant aan tafel om breed mee te denken, ze komen toch vaak alleen iets halen als er al iets bedacht is.’
Sabine: ‘Ik had toch de indruk dat dat nu wel gebeurt?’
Franka: ‘Toch niet. Materialen staan bijvoorbeeld meestal heel concreet uitgevraagd. Andere, meer duurzame alternatieven zijn op voorhand uitgesloten.’
Sabine: ‘Interessant, een punt waar dus ruimte is voor verbetering. Mijn visie is dat als je marktpartijen op de goede manier uitdaagt ze met oplossingen komen die ons allemaal verder brengen.’
Franka: ‘De NBd focust zich op uniformiteit en het verkeerskundig plan eromheen en dat is de grote kracht van Nederlandse bewegwijzering, dus bebording moet eenzelfde uiterlijk hebben en het moet geen chaos naast de wegen worden. Tegelijkertijd is het zonde als dat noodzakelijke innovatie in de weg staat – ik heb ook geen antwoord op dat dilemma, maar als bedrijf staan we te trappelen om onze ideeën uit te voeren. Er kan veel meer dan nu gebeurt.’

‘Op directieniveau is er best veel contact in de keten, maar je zou er meer uit kunnen halen als de lagen daaronder meer met elkaar in contact komen.’

Franka van de Gevel, directeur AGMI

Met elkaar aan tafel
Wat de toekomst ook brengt, één ding staat vast: de digitalisering zal ook in bewegwijzering de overhand krijgen.
Sabine: ‘Nu al gebruikt het merendeel van de reizigers ook persoonlijke, digitale navigatie om van A naar B te komen. Fysieke bewegwijzering is steeds meer ondersteunend aan de digitale navigatiesystemen. Nog even en de digitale systemen zijn het primaire product, dan is de vraag: hoe gaan we continuïteit en uniformiteit waarborgen?’

Franka: ‘Die ontwikkeling kan wel eens sneller gaan dan we denken. De technische ontwikkelingen gaan snel.’
Sabine: ‘Precies. We zoeken nu naar de rol van de NBd bij de koppeling van fysieke en digitale bewegwijzering, en hoe we de rest van de keten daarin kunnen betrekken.’

Franka: ‘Wij zien dat ook in de toekomst de bewegwijzering belangrijk blijft. Het digitaliseren zal parallel lopen waardoor er wellicht technologische uitbreidingen gaan komen. Op die ontwikkelingen kan je beter anticiperen als er meer samenwerking is in de keten. Op directieniveau is dat er al best veel, maar het levert meer op als ook de lagen daaronder elkaar weten te vinden. Accountmanagers die met elkaar sparren over problemen en best practices met elkaar delen, maar ook vernieuwingen laten zien en productinnovaties delen. Als mensen elkaar leren kennen en relaties opbouwen, weten ze elkaar ook makkelijker te vinden als ze in de praktijk ergens tegenaan lopen.’

Franka stelt dat met een dergelijke aanpak problemen hiermee mogelijk voorkomen worden. ‘Nu lossen we bij klachten euvels op maar als we die aan de voorkant hadden kunnen voorkómen, was het sneller en goedkoper geweest. Van je eiland afkomen, gaat voor iedereen meer opleveren. We hebben onder de streep allemaal hetzelfde doel: een uniform en mooi straatbeeld dat duurzaam en volgens wet- en regelgeving geplaatst is.’